|
Prehistorie
|
|
In 2003 werden op het noordelijk deel van het plangebied industrieterrein in Panningen resten gevonden van crematiegrafvelden en twee boerderijen uit het Neolithicum, dat is 6000 jaar geleden.
|
|
Aan de Kwistbeek is in 2005 een lange bewoningsgeschiedenis aangetroffen in het plangebied Schrames.
Schrames is een Keltisch toponiem dat “bocht in het landschap” betekent.
Hier is bij archeologisch onderzoek een constante bewoning aangetoond vanaf de Steentijd (ongeveer 3000 v. Chr.) tot in de 19e eeuw.
Vastgesteld is dat op het gebied Schrames de bewoning van Helden begonnen is.
Dit betekent dat de eerste voorouders van de Heldenaren daar geleefd hebben.
Er zijn diverse archeologische vondsten gedaan, zoals vijfendertig huisplattegronden, waterputten, gereedschappen, wapens (o.a. een vuistbijl) en wellicht de belangrijkste vondst; een beeldje van de Romeinse oorlogsgod Mars.(geschiedenis gemeente)
|
|
Wat de naam Helden betreft wordt verwezen naar het woord ‘held’, een oude benaming voor moeras en ven, en het woord ‘dene’, dat nederzetting betekent. Aldus zou de naam Helden verwijzen naar een nederzetting bij een ven of moeras.
|
|
Graafschap Kessel.
|
|
Staatkundig behoort Helden tot 1279 bij het Graafschap Kessel, dat zich uitstrekt tot Venray.
Kessel en Helden zijn in de tijd voor 1674 niet één heerlijkheid, maar twee aparte dorpen, die samen een schepenbank hebben. Financieel zijn ze volledig gescheiden. Ze hebben elk een eigen dorpsbestuur. De schepenbank fungeert als gerecht en als notariaat. De bank bestaat uit 7 schepenen, in later tijd vier van Helden en drie van Kessel. De schepenbank Kessel/Helden is deel van het ambt Kessel, het zijn geen heerlijkheden. (die hebben een plaatselijke heer met bepaalde rechten) Waarschijnlijk is de samenhang ontstaan doordat Helden grotendeels bevolkt is door immigratie vanuit het Maasdal |
| 966 |
16 februari: de naam “Heldun” komt voor het eerst voor.
De koning van het Duitse Rijk, Otto I bevestigt de schenking van het negende deel van de opbrengsten aan het Mariastift te Aken.
Onder de opsomming van plaatsen komt Heldun voor. Het is niet zeker dat hiermee Helden bedoeld wordt. |
| 1000 |
Tussen 1000 en 1200. Waarschijnlijk bebouwing en bewoning van “Hoof”. |
| 1144 |
Helden wordt genoemd in een oorkonde van de aartsbisschop van Keulen die de rechtspositie vastlegt van het klooster van Millen (Duitsland bij Sittard).
In Helden ligt een bezitting van het klooster die jaarlijks 2 schellingen aan pacht opbrengt. Het is niet zeker dat hiermee Helden bedoeld wordt. |
| 1230 |
Willem, Heer van Horne schenkt het patronaatsrecht van de kerk van Heldele aan de abdij van Averbode (Belgie).
Deze abdij van Averbode verkreeg hierbij ook het recht om de pastoor van Helden te benoemen.
Daarnaast verkreeg de abdij belangrijke inkomsten uit de bijbehorende tiendplichtige boerderijen en landerijen. |
| 1233 |
De schenking van 1230 wordt door de bisschop van Luik bevestigd,er staat weer ”Heldele”.
|
| 1245 |
De naam Heldene komt voor in een oorkonde in verband met de kerk van Keizerbosch.
"Ik, Gijsbrecht van Horst, maak allen die deze tegenwoordige brief zullen inzien bekend dat mijn vader zaliger gedachtenis, Heer Gerard, in tegenwoordigheid van mij en vele anderen aan de Kerk van Keizerbosch tot aalmoes gegeven heeft drie Keulsche schellingen met al het overige recht, wat door eertijds de hoevenaar van Heldene hem elk jaar werd betaald.Gegeven in het jaar des Heren 1245, in de maand augustus.(6) |
|
Graafschap/Hertogdom Gelre
|
| 1279 |
Hendrik IV van Kessel verkoopt zijn graafschap aan Reinoud I van Gelder en vanaf nu maakt Helden deel uit van het Graafschap Gelre.
Het graafschap Gelre bestaat uit 4 kwartieren en Helden behoort bij het Roermonds ofwel het Overkwartier. Dit Overkwartier is weer onderverdeeld in diverse kleine eenheden, ambten genoemd en zo hoort Helden bij het Land of Ambt van Kessel.
|
| 1288 |
De abt van Averbode draagt het patronaatsrecht van de kerk van Helden over aan de proosdij Keysersbosch te Neer, nu is er vermeld: “Helden”.
In straatnamen als Averbodestraat en Keizersbosstraat leeft de oude geschiedenis van Helden voort.(5)
|
1305
|
Robert van Goor schenkt het vierde deel van de tiend van Helden aan het klooster Keizerbosch ,dit met toestemming van Willem, de heer van Horne.
Later ontstond er een geschil omtrent deze tiend tussen voornoemd klooster en Lambrecht van Goor.

|
| 1317 |
20 juni: in een oorkonde staat: “een hof die de Loen genoemd wordt, met zijn toebehoren, gelegen te Helden”. Deze hof lag op de Loo. |
| 1326 |
Reinald II volgt zijn vader op als Graaf van Gelre, hij had in Helden drie lenen die gegeven waren aan: Jan van Montfort (5 bunder beends, gelegen bij het Huis Dalenbroeck niet in Helden )en het recht van banmolen, Dideric Bolte hield in leen een wilde hoeve genaamd Dekenshorst en Claes van Brakel hield van de graaf in leen negen bunder land,“daer hi op woent”. (3) |
1326
|
Helden - Claes van Brakel houdt in leen 9 bunder land te Helden, waarop hij woont.
Sloet: Register op de Leenaktenboeken van het vorstendom Gelre en graafschap Zutphen. Arnhem, 1904. Blz. 146.
|
1326
|
Helden - Diedrick Bolte houdt in leen een wilde hoeve genaamd Dekenshorst.
Sloet: Register op de Leenaktenboeken van het vorstendom Gelre en graafschap Zutphen. Arnhem, 1904. Blz. 150. Zie 1405, z.d.
|
1326
|
Dalenbroek / Helden - Johan van Montfort houdt in leen 5 bunder bemd gelegen bij het huis te Dalenbroeck en het gemaal te Helden.
Sloet: Register op de Leenaktenboeken van het vorstendom Gelre en graafschap Zutphen. Arnhem, 1904. Blz. 151.
|
1339
|
Kessel - Matthijs van Kessel, ridder, wordt beleend met de burcht en het huis van Kessel met de voorburcht en spitsgrachten ('vesten'), als een open huis; de borglieden behouden hun oude rechten. Tevens wordt Matthijs beleend met het land gelegen te Helden dat wijlen Johan van Krieckenbeeck, zoon van Sibrecht van Krieckenbeeck, als een burchtleen in leen hield en waarvoor hij [Matthijs of Johan?] jaarlijks 13 mud rogge en 8 schelling Brabants betaalde. De 30 malder die hij jaarlijks betaalde uit de weerd te Kessel, zijn Matthijs kwijtgescholden.
Sloet: Register op de Leenaktenboeken van het vorstendom Gelre en graafschap Zutphen. Arnhem, 1904. Blz. 143. Zie 1331 z.d. en 1405 z.d.
|
| 1339 |
Graaf Reinald II van Gelre wordt door de Duitse keizer verheven tot rijksvorst en hertog. Sindsdien spreken we van het hertogdom Gelder of Gelre. |
| 1339 |
Maris wordt als leen uitgegeven. |
1353
|
1 november. De oudste akte van schepenen van Helden. Helden bezit nog geen eigen schepenbank.
|
| 1359 |
Verbond tussen hertogdom Gelre en graafschap Kleef: de grens van het hertogdom loopt o.a. “after Heelden in den Pedel” (achter Helden in de Peel). |
| 1366 |
Vermelding “Everloe”. Archief klooster Keizerbosch. |
1387
|
21 maart: Derick Mynssche wordt vermeld als schepen te Kessel en Helden.
GA Roermond, Oud Archief, inv.nr. 148. |
| 1390 |
In een oorkonde wordt de naam Maris vermeld: “Cleyn Maerhese en Groet Maerhese”. |
| 1391 |
Ridder Johan van Kessel verkoopt de hof Groot Maris aan Arnold Neutken uit Roermond. |
1395
|
6 juli : Helden - Johan van Kessel, ridder, Mathijs van Kessel, zijn zoon, en Henric van Baerle oorkonden als volgt:
nadat genoemde Johan van Kessel aan het echtpaar Arnolt en Lise Neutken, burgers te Roermond, zijn hof genaamd Groet Marris c.a. in het kerspel Helden had verkocht, en het echtpaar door hertog Reinoud van Gulik en Gelder als leenheer in het leenbezit van dit goed had laten zetten, geven Johan en Mathijs van Kessel aan genoemde Henric de volgende verklaring af:
indien het echtpaar na Johan's dood vanwege de hof enigerlei aanspraken maakt op zijn erfgenamen, dan zullen zij Henric bij de afwering van aanvallen behulpzaam zijn, onder verplichting tot leisting etc. in Roermond.
RAL Maastricht, Maria Weide te Venlo; ongeordende stukken Kevelaer. |
| 1397 |
Schikking omtrent de tiend van Helden door tussenkomst van Willem, heer van Horn en Altena: het derde deel gaat naar klooster Keizerbosch en de andere delen worden door het geslacht van Goor verkocht aan het Kartuizerklooster te Roermond. |
| 1399 |
14 september, brief van Reynout hertog van Gelre en Zutphen, geeft aan Mathise van Kessel,"Onse ridder ende man, twee hoven lands gelegen in die gemeynt van Helden voer also gedaen goet ende erfenisse als Jan van Crikenbeke was”.
Origineel op perkament, met zegel van de Hertog) (7)
|
| 1400 |
Vermelding Ten Hoove in archief klooster Keizerbosch. |
| 1400 |
“Des yersten daichs inden Braemaent”. Daniel, Willem en Johan van Ghoir verkopen eenderde van de tiende van Helden aan de kartuisers van Roermond.(8)
|
| 1400 |
23 mei: “Wilhelm here van Huern, van Altena und van Cortersum” geeft als leenheer zijn goedkeuring aan de verkoop door de heren van Ghoir aan de kartuisers. ((8)) |
| 1400 |
De familie (Daniel,Willem en Jan) van Ghoor heeft Ten Hoove in leen, ze zijn verwant aan de graven van Horne, hij is de leenheer.
Het geslacht van Goor hoorde thuis op het goed van Goor in Neer. |
| 1400 |
23 mei: Willem Heer van Horne bevestigt dat de gebroeders Daniel, Willem en Jan van Goor aan het klooster van de Kartuizers te Roermond verkocht hebben: het derde deel van de korentienden en de smalle tienden “des doerps van Helden”zoals genoemde Daniel “dy tiende metten hove van onss te leen houdende is”. |
| 1402? |
De familie Herkenbusch is eigenaar (Zybert van Herkenbosch burgemeester van Roermond?) van de hof “geheiten Ten Have”. |
1402
|
19 augustus: Helden - Arnt Noudiken wordt beleend met de hof te Groitmaris in het kerspel Helden gelegen, vergroot met 8½ bunder.
Sloet: Register op de Leenacten van Gelre en Zutphen 1376-1402. Arnhem, 1901. Blz. 2.
|
| 1405 |
Dekenshorst wordt genoemd in een akte: Na de dood van Willem Bolten van Helden erft zijn zoon Derick den hof geheten Dekenshorst met zijn toebehoor in de kerspel van Helden.(Archief Gelderse leenkamer inv. Nr. 103 f.5 en 117.)
"Willem Bolte erft den hoff geheiten die Dekenshorst met sijnen toebehoren, in den kerspel van Helden gelegen, tot eenen Gelderschen leensrechten, op sijnen soon Derick Bolte van Helden, die sulx transporteert op Heyncken van Aygel Heynensoon, die Dirck voornoemd ende sijnen erven weder bekent 20 molder roggen vrije erfpachts, Helderscher maten, uutgescheyden pontschattinge. 's jaers; end bij gebreck van betalinge sulcker erfpacht sal die voornoemde hoff weder vrij ende commerles commen an Dirck ofte sijne erven; beheltick Ybolten, weduwe Willems Bolte, haer tucht". (1) |
| 1406 |
Er wordt genoemd een “Denken, Derik Hoeftszoen = Denken, zoon van Dirk van Hoof. Misschien bewoner van de Hoof.
Daniel, Johan en Willem van Goor verklaren op "Sent Bartholomeusdach des Heyligen Apostels" dat zij een derde van de ganse korentienden en de smalle tienden van Helden verkocht hebben aan de Kartuizers van Roermond. Ook deze verkoop werd door Willem, Heer van Horne erkend.
Vermelding van het feit dat Willem van Goor de tiende van de Heer van Horn in leen heeft.
De Kartuizers bezitten nu dus twee derde van de tienden van Helden.(11)
1406 “op sint Batholomeusdach des heyligen apostels” verkopen Daniel, Willem en Johan van Ghoir eenderde van de tiende van Helden aan de kartuisers van Roermond. (8)
1406 “des neesten daechs na onser vrouwen dach aasumptio” (16 aug) Willem heer van Horn en van Altena keurt als leenheer de verkoop van eenderdedeel van de tienden goed. (8) |
| 1407 |
"Johan Assenmecher ontfinck den hoff tot Braken, gelgen in den kerspel van Helden, met sijnen tobehoringen, tot enen Gelderschen rechte".
(Leenregisters van het vorstendom Gelre onder vermelding Helden) |
| 1415 |
2 februari, akte waarbij Symon van Enckenvort door Reinald IV, hertog van Gelre etc. beleend wordt met de hof "toe Enckevort" gelegen onder Helden, hierbij zijn de leenmannen Johan Schelart van Obbendorp en Johan van Broichusen. (landvankessel.nl/Rinus/rinusS.htm) |
| 1416 |
"Hendrick van Barle bij transport Heynkens van Aygel (Nathel?) Heynensoon van Dekenshorst".(1) |
| 1424 |
Vermelding Simons hoff van Ynckevoirt (Leenregisters van het vorstendom Gelre onder vermelding Helden): "Den hoff geheiten Grote Maris met sijnen tobehoren. gelegen in den kerspel van Helden. in den lande van Kessel, tot Gelresche rechten ontfinck Arnt Neutken van Rurmund". (1) |
| 1426 |
"Den halven hoff geheiten Bieringen met allen sijnen toebehoren. gelegen in den kerspel van Helden, in den lande van Kessel, tot eenen pondigen leensrechte ontfinck Derich van Byringen ao 1426" (1).
"Den anderen helfte van den hoff geheiten Bieringen met allen sijnen toebehoren, gelegen in den kerspel van Helden, in den lande van Kessel, tot eenen pondigen leensrechte ontfinck Gerit de Grote".(1) |
| 1429 |
"Peter van Enckevoirt ontfinckt dat goet "Ten Campe" ofte Ynckevoirt geheijten in den kerspel van Helden gelegen ". (1)
|
| 1430 |
Rechtszaak over de fokstier van Ten Hove, verloren door de Karthuizershof (Stox).
Hierbij wordt vermeld dat de hof “Ten Have” eertijds “plach te wezen Daniels van Goer”. |
| 1431 |
27 mei: de schepenen van Helden te weten: Peter Symonszoon, Johan van Everloe, Heyn van Hueff en Johan Van Mares, in tegenwoordigheid van Johan Scelbergen, schout te Kessel zeggen dat zij gehoord hebben en dat hun bekend is dat Zybert van Herkenbosch op zijn hof te Helden geheiten Ten Have, die eertijds van Daniel van Goor was, een hengst en een stier placht te hebben ten behoeve van “der gemeynten” van Helden.
Tijdens Zyberts leven konden zij zo dikwijls als zij wilden over de beesten beschikken.
Eens had Zybert het kerspel vijftig gulden of zes beesten in een keer geboden om van deze verplichting bevrijd te zijn.
De verklaring besluit met de opmerking dat Zybert van Herkenbosch deze verplichting nagekomen was en het bod ter bevrijding daarvan gedaan menig jaar nadat “die tiende uyt den hoff vursscreven verkocht was den Carthuseren ende van den hoff gescheiden”. |
| 1438 |
"Peter Noytken beleent den hoff geheiten Grote Maris". (1) |
| 1439 |
"Idem Hendrick van Barle bij transport Heynkens van Aygel (Nathel?) Heynensoon van Dekenshorst".(1) |
| 1440 |
"Henrick Middelman ontfinck eenen hoff geheiten dat goet ter Braken, tot Helden gelegen". (1)
|
| 1442 |
"Henrick Schinck, naturlicke soon Henrix Schincken, bij transport Henrix van Krieckenbeke geheiten van Barle, beheltlick 8 jaeren losse".Dekenshorst (1) |
| 1447 |
"8 Hollantsche morgen lants geheiten dat land to Bieringen, in den kerspel van Helden gelegen,tot enen pondigen Kuixschen leensrechte ontfinck Johan van Bieringen". (1) |
1450
|
zondag 22 maart "op den heijligen sonnendagh Judica"
Roermond - Hertog Arnold van Gelder verklaart dat de Karthuizers van Roermond, die reeds eigenaar zijn van de halve oude tiende van Helden, ook de uit nieuwe ontginningen afkomstige nieuwe tienden mogen heffen, tot een maximale waarde van 6 overlandse Rijnse guldens per jaar.
RAL Maastricht, Hof van Gelder te Roermond, Processen 1703: momboir tegen de Karthuizers van Roermond, 1703-1706 (afschrift, ca. 1700); RAL Maastricht, Karthuizers inventaris d'Hoop 18489 nr. 14.
|
| 1451 |
Vermelding “”Panyngen”. Oud archief Roermond. |
| 1451 |
"Symon van Ynckenfoirt ontfinck den hoff geheiten tot Enckenvoirt ofte ten Camp, in den lande van Kessel, in den kerspel van Helden gelegen". (1) |
| 1452 |
Gaedert Hillen, schepen van Roermond, voorvader van eigenaren van de Hoof. Begin 15e eeuw Hillen als schepen te Roermond, ook Hillen als schout en burgemeester. (9)
|
| 1455 |
De kerk in Helden is door de eeuwen heen vaak verbouwd en gerestaureerd o.a. in 1455 en 1486. (5) |
| 1456 |
"Gaert Dirxsoon van Bieringen ontfinck dat 1/4 van den have toe Bieringe, tot Gelreschen rechten". (1) |
1456
|
"op den heiligen pinxt avont" Helden - Hertog Arnold van Gelre verklaart dat hij Derick van Oist, zijn raad en keukenmeester, 100 overlandse Rijnse gulden schuldig is, waarvoor hij zijn tiende te Helden overdraagt, met recht van lossen.
RAL Maastricht, Hof van Gelder te Roermond, Processen 1703: momboir tegen de Karthuizers van Roermond, 1703-1706; RAL Maastricht, Karthuizers inventaris d'Hoop 18490 nr. 1 en 18498 fol. 20. |
| 1458 |
Johan Hillen burgemeester van Roermond. (9)
|
| 1464 |
"Willem van den Buecken ofte van Bieringen Johanszoon ontfengt 8 Hollantsche mergen lants in den kerspel van Helden, geheiten dat Hogevelt, gelegen in den goede toe Bieringen, tot Gelderschen rechte". (1) |
1465
|
Symon van Ynckenfoirt vernijt eedt Hof van Inckevoirt. (1)
" Gaert Dirxsoon van Bieringen vernijt eedt van 1/4 van den have toe Bieringe, tot Gelreschen rechten". (1)
"Lijsbet, huysfrou Arnts van Bieringen, ontfengt 1/4 van den hoff to Bieringen to Helden in den lande van Kessel gelegen, als erve hares vaders Gerrits van Bieringen ende van Gerrit Groten, harer moder man". (1)
"Willem van den Buecken ofte van Bieringen Johanszoon vernijt eedt". (1)
"Henrick Middelman vernijt den eedt van eenen hoff geheiten dat goet ter Braken, tot Helden gelegen". (1)
"Henrick Schinck, ontfengt eenen hoff, gelegen in den lande van Kessel, in den kerspel van Helden, geheiten die Dekenhorst; ende daerto noch eenen camp lants en eenen stuck gelegen in den kerspelen van Helden ende Brede, van der tweer kerspelen gemeynte vortijts geslagen, hem thinsvrij ende thiendvrij gegeven in verbeternis des voornoemden leens
tsamen tot eenen leen tot Gelderschen rechten voortan te halden". (1) |
| 1468 |
Open brief van Henrick van Krieckenbeck als leenheer inzake ’t Guet inghen Rade, in den kerspel van Helden gelegen. (10) |
| 1470 |
Een molen dateert van 1470 toen hertog Adolf van Geldern aan de familie van Bijlandt maalrechten gaf die bleven bestaan tot de Franse revolutie. Hij stond op de Dreese. |
| 1473 |
"Symon van Ynckenfoirt vernijt eedt van den hof geheiten tot Ynckenvoirt ofte ten Camp, in den kerspel van Helden gelegen, daer naest gelant sijn Jenneken Hannen kinderen an d'een ende, dat goet in gen Rade an d'ander sijde. (20 Octobris 1473) (1)
"16 Novembris Henrick Middelman vernijt eedt van den hoff geheiten dat goet ter Braken, tot Helden gelegen, daer naest gelant is Willem van den Broeck an d' een sijde ende Gadert van der Braken an d' ander sijde". (1)
" 30 septembris Henrick Schinck vernijt eedt over Dekenshorst". (1)
"16 Octobris Arnt Neutkens vernijt eedt van den hoff geheiten Groot Maris in den kerspel van Helden gelegen, daer naest gelant is een hoff geheyten Cleyn Maris ende is voort alomme in der heyde gelegen". (1)
|
| 1473 |
" Gaert Dirxsoon van Bieringen vernijt eedt van 1/4 van den have toe Bieringe, tot Gelreschen rechten". (1)
"20 Octobris Lijsbet van Bieringen, huysfrou Arnts van Stockt, vernijt eedt van 1/4 van den hoff to Bieringen, in den kerspel van Helden gelegen, Gaert van Bieringen an d'een ende Willem Janssoon van Bieringen an d'ander sijde naest gelant, haer van haeren vader Gerrit van Bieringen angestorven". (1)
"21 Octobris "Willem van den Buecken ofte van Bieringen Johanszoon vernijt eedt van 8 Hollantsche mergen geheiten dat Hogevelt, Gaertken van Bieringen an d' een ende Jan van Nevelre an d' ander sijde maest gelant". (1)
|
| 1479 |
" Gaert Dirxsoon van Bieringen vernijt eedt van 1/4 van den have toe Bieringe, tot Gelreschen rechten". (1)
" Lijsbet van Bieringen, huysfrou Arnts van Stockt vernijt eedt ende helt 1/4 van den thinse van Beringen, gelegen bij den goeden Gaerts van Beringen". (Leenregisters van het vorstendom Gelre onder vermelding Helden)
"Willem van den Buecken ofte van Bieringen vernijt eedt door Thijs van der Lynden van de helft van den hoff to Bieringen" (1) |
| 1492 |
"Symon van Ynckenfoirt vernijt eedt Hof van Inckevoirt".(Leenregisters van het vorstendom Gelre vermelding onder Helden)
" Gaert Dirxsoon van Bieringen vernijt eedt van 4 Hollantsche mergen lants ,gelegen in den hoff to Bieringen, in den kerspel van Helden ". (1)
" Arnt van Stockt,man van Liesbeth van Bieringen vernijt de eedt van 4 Hollantsche mergen lants, gelegen in den hoffto Bieringen". (1)
"Nelys van den Buecken vernijt eedt van een stuk lants haldende omtrent 8 Hollantse mergen, in den hoff to Bieringen". (1) |
| 1493 |
Dirk en Johan Hillen worden genoemd.(26)
|
| 1493 |
"Henrick Middelman vernijt eedt van den hoff geheiten dat goet ter Braken, tot Helden gelegen, daer naest gelant is Willem van den Broeck an d' een sijde ende Gadert van der Braken an d' ander sijde". (1) |
| 1493 |
"Gerrit Schenk vernijt eedt Dekenshorst". (1) |
| 1496 |
Op “donnersdach post assumptonem Marae Virgine” (donderdag na 15 augustus): Hertog karel van Gelder schenkt aan de kartuisers de “beternisse van de novaliathiende tot Helden”. Dit is de laatste verwerving van tienden in Helden door de kartuisers. (8) |